Harder (witte zalm)

Keurmerk kweek
/Keurmerk Wild
Groen
Tweede keus
Vermijden
Bijvangst

Harder (witte zalm)

Chelon labrosus
  • jan
  • feb
  • mrt
  • apr
  • mei
  • jun
  • jul
  • aug
  • sep
  • okt
  • nov
  • dec
Herkomst

Europa, binnenlandse wateren (FAO 5)

Kweek- / Vangstmethode

Kieuwnetten (staand want)

Uitleg beoordeling

Over de status en ontwikkeling van het harderbestand in de Noordzee is weinig bekend. Maar omdat er weinig gericht op harder wordt gevist, is van overbevissingoverbevissing:
er wordt zoveel vis weggevist dat de bestandsomvang zo ver is afgenomen dat het niet langer een maximaal duurzame opbrengst kan produceren. De omvang van de vispopulaties is onvoldoende om zich op lange termijn voort te kunnen planten.
waarschijnlijk geen sprake.

Visserij van harder met een geankerd kieuwnet/[staandwant staand-want-visserij] veroorzaakt geen schade aan de zeebodem.

Er is momenteel geen gemeenschappelijk beheer voor harder in Europese wateren. Aangezien er weinig gericht op gevist wordt, is dit geen urgent probleem.

Algemeen

Harder (witte zalm)

In de Noordoost-Atlantische Oceaan komen drie soorten harder voor: diklipharder, dunlipharder en goudharder. In de Nederlandse markt gaat het vooral om de diklipharder. Deze vis komt in de zomermaanden voor langs de Nederlandse kust, in de Waddenzee en in riviermondingen. In het najaar trekt deze vis naar open zee om te paaien. Harder is, net als paling, een katadrome vis en trekt van zoet of brak water naar zee om te paaien. Deze scholende vis leeft vooral van algen, kleine bodemdieren en dood plantaardig en dierlijk materiaal. Harder houdt zich graag op in ondiep water waar hij de algen van de bodem graast. De harder kan 75 cm worden. In de noordelijke wateren worden harders pas op late leeftijd geslachtsrijp, tussen het negende en elfde levensjaar. Dit maakt ze gevoelig voor visserijdruk.